In de Limburgse natuur trotseerden zes lopers van Loopgroep Grave afstanden van 64 en 112 kilometer: warmte, blaren en mentale uitdagingen. Bas vertelt over het afzien, de sfeer onderweg en de ontlading bij de finish van deze onvergetelijke ultratrail.
Ultratrail
Zaterdag 2 mei was alweer de zevende editie van de Petranpad Ultra Trail. Ultra wil zeggen dat de af te leggen afstand meer is dan die van een marathon (42,195 km), en trail geeft aan dat asfalt en andere verharde ondergrond zoveel mogelijk wordt vermeden. De basis van de trail is het Petranpad, maar volgt die route niet exact en kan per jaar wat verschillen. Sowieso wisselt de richting waarin de ronde gelopen wordt elk jaar. De trail loopt onder andere wel door de Heidsche Peel, terwijl het pad dat gebied(je) overslaat. Het grootste verschil is dat het pad door Broekhuizenvorst gaat, en de trail door de bossen ten zuidoosten van Swolgen kronkelt.
112km wandelen, 112km hardlopen of 64 km hardlopen
In de loop der jaren wisselt de precieze invulling van het evenement, maar trouw onderdeel van het programma is de 112 km lange ronde die begint en eindigt bij ’t Kasteelke in Meerlo. Naar keuze kan de ronde rennend of wandelend worden afgelegd. De wandelaars mogen twee uur eerder starten maar moeten flink doorstappen om de tijdlimiet van 20 uur te halen. Dit jaar was er tevens een (hardloop)afstand van 64 km, die in Griendtsveen startte en ook in Meerlo finishte.
Loopgroep Grave
Loopgroep Grave was rijkelijk vertegenwoordigd met 6 deelnemers. Wouter, Rudy, en Bas zijn om 5:00 uur van start gegaan met de 112 km. Frouke, Bart, en Kristiaan stonden om 10:00 uur aan de start van de 64 km.
Licht in het donker
Het totale aantal deelnemers (dus van de 112 km trail, de 112 km walk, en de 64 km trail samen) is elk jaar begrensd op 100. Als in alle vroegte de start van de 112 km trail is, beginnen 61 lopers aan die uitdaging. Op dat moment zijn de 7 deelnemende wandelaars al twee uur aan het wandelen. Omdat de zon nog niet is opgekomen, heeft iedereen zijn of haar verlichting ingeschakeld en ontstaat er een soort lichtgevende rups van lopers die door het landschap kruipt. Het duurt niet lang voordat het lint van lopers uit elkaar breekt. Sommigen lopen alleen, andere samen met één of meer andere lopers. Dankzij de nagenoeg volle maan en de opkomende zon kan de verlichting vrij snel uit. Menigeen hoopt dat de lampjes niet nog een keer nodig zijn, want dat zou betekenen dat ze niet binnen zijn voordat het donker wordt!
Wouter achterna
Het plan is dat ondergetekende (Bas) met Wouter meeloopt. Wouter heeft zo ongeveer alle edities meegedaan en altijd de finish gehaald in een heel snelle tijd. Samen met Bart heb ik vorig jaar de 112 km gedaan, maar omdat hij de 64km doet, zie ik het als een grote uitdaging om te proberen Wouter bij te houden. Met flink wat geduld van Wouter zijn kant lukt dat heel aardig tot pakweg 70 km.
Afzien
De zon heeft het landschap behoorlijk opgewarmd, en de bijna 25 graden die het is, maken het zwaar (in ieder geval voor mij). De stukken in de zon besluit ik te wandelen, en tevens een pet (met grote flap aan de achterkant zodat de nek en oren uit de zon blijven) op te zetten. Daarmee lukt het om niet oververhit te raken. Helaas voel ik onder beide voeten blaren ontstaan. Dat gebeurt soms bij andere trails ook maar daar is dan prima mee door te rennen. Dit keer ontstaan ze midden onder beide voeten, en is elke stap een pijnlijke uitdaging geworden. Mentaal positief en scherp blijven is ook een uitdaging. Bij het checkpoint halverwege vergeet ik om mijn energietabletten aan te vullen. Behalve wat energie, zit daar ook magnesium, kalium, en wat vitamines in. Het extra paar schoenen en het paar sokken dat in die tas zat, blijft daar eveneens achter. Bij het checkpoint in Grubbenvorst (na 84,3 km) vergeet ik om het weer met cola afgevulde drinkflesje terug in mijn hardloopvest te doen. Gelukkig zitten er twee voorop het vest en had ik amper van de andere gedronken (onbewust als reservevoorraad beschouwd). Met het warme weer is voldoende drinken uiterst belangrijk. Achterin het hardloopvest zit nog een waterzak met een capaciteit van 1,5 liter, en die gaat tussen de checkpoints bijna iedere keer leeg.
Rottweilers
Behoorlijk wat paden langs slootkanten zijn heel recent gemaaid, zodat er dit keer probleemloos langs brandnetels gelopen kan worden. De aanhoudende droogte van de afgelopen weken heeft ervoor gezorgd dat er onderweg ook vrijwel geen modder te vinden is. De grindwegen zijn wel getransformeerd in zandpaden. Bij een pad door weilanden kies ik op een gegeven moment toch voor het zand in plaats van de rand van het grasland omdat dat nog nat van het bemesten is. Er is geen extra hulp nodig om mijn schoenen te laten stinken; dat lukt mijn voeten prima. Een angstig moment in een bos als ik geschreeuw hoor. Het blijkt het baasje van twee enorme rottweilers te zijn die godzijdank nog aan de lijn zitten (ze komen alles behalve knuffelbaar over). Hij vraagt aan de lopers die voorbijkomen hoeveel er nog komen, want het is duidelijk dat hij ze had willen laten loslopen.
Eindsprint
Net voor Grubbenvorst splitst de route; de 64 km trail snijdt een lusje onderlangs Grubbenvorst af. Frouke, Bart, en Kristiaan zitten mij voor de splitsing op de hielen maar we lopen elkaar mis vanwege het extra lusje dat ik moet doen. Toch kom ik nog wel wat andere deelnemers tegen. Ze hebben het allemaal zwaar vanwege de warmte en uiteraard ook de afstand. Ook zij wisselen het rennen af met wandelen. Ik wandel stevig door en vooral de laatste 15 km lukt het weer om het merendeel te rennen. Het laatste van de 8 checkpoints vul ik alleen cola bij omdat ik zie dat ik mogelijk sneller ben dan vorig jaar. Dat motiveert enorm. De laatste pakweg 500 m gaan langs een beekje. ’t Kasteelke is in zicht, en de menigte daar ziet mij zwoegen en klapt en juicht. Wat een onthaal! De laatste meters achterlangs bosschages, over een bruggetje over het beekje, en om een gebouw heen uit zicht van de menigte voelen als een eeuwigheid, maar met de finish in zicht zet er een ongelooflijke blijheid op omdat de missie volbracht is. En nog wel 3 minuten sneller dan vorig jaar. Uiterst tevreden neem ik de medaille in ontvangst en strompel ik naar Froukje (nog heel erg bedankt voor het in alle vroegte wegbrengen, de support en het ophalen), en ga bij m’n loopmaatjes op het gras zitten/liggen. Zij hebben het allemaal geweldig goed gedaan, al ontdekken we dat Rudy helaas na 85 km moest opgeven. Hij is niet de enige, want er blijken 20 deelnemers uitgevallen. Frouke daarentegen is de snelste dame op de 64 km en weet Bart en Kristiaan voor te blijven.
Napraten in het gras
Onder het genot van drinken en een broodje frikandel wisselen we verhalen en ervaringen van de dag uit. De organisatie vraagt even om aandacht omdat de grondlegger van het originele Petranpad langskomt. Hij krijgt een welverdiend applaus. Aan de horizon verschijnen steeds dreigender wolken, en met uitzicht op regen en onweer blijven we niet tot veel later dan 20:00 uur. Dankzij de uitmuntende organisatie is ook mijn vergeten drinkflesje terug bij de finish en kan ik compleet op weg naar huis. Wat was het weer een machtig avontuur!
Enthousiast geworden?
Voor wie de uitdaging ook een keer wil aangaan; op https://petranultra.nl/ staat alle info, al is de inschrijving voor 2027 nog niet geopend. Spreek gerust mij of één van de andere oud-deelnemers van de loopgroep aan als je nog vragen hebt.