Loopgroep Grave Loopgroep Grave

Run to Rome

Loopgroepnieuws | 8 min. leestijd
Run to Rome

Op 19 maart vindt de marathon van Rome plaats. En dit jaar met onze eigen Wouter Starren als pacer. Pacer? Wasdadan? Nou, dat is zo'n loper die met een vlag op de rug andere lopers helpt om hun droomtijd te halen. Pacers zijn een soort Zwitserse uurwerkjes die een marathon op de minuut nauwkeurig in een bepaalde richttijd kunnen uitlopen.

Binnen Loopgroep Grave hebben we drie van die uurwerkjes: Rudy, Ronald en Wouter. En die laatste werd zomaar eens even geselecteerd om in Rome te komen pacen. Tof.

Speciale training door het Raamdal

De organisatie in Rome riep hun pacers op om vooraf een speciale 'Run to Rome'-training te organiseren. Ze stuurden bijpassende shirtjes. Bijpassend ja. Passend nee. Wouter had keurig alle maten doorgegeven, maar ontving alles structureel een maat kleiner. En dan ook nog Italiaans. Maar leuk waren ze wel! En met een beetje frotten pasten ze toch best aardig.

15 lopers (en twee fietsers) namen deel aan de halve marathon die Wouter had uitgezet: door het Raamdal en langs de Kuilen. Halverwege was er een fijn pauzepost bij Freddy en Erwin thuis, ingericht met hulp van Anita en Gitte. Zo lekker warm daar! Zulke heerlijke hapjes en drankjes! Precies waar de lopers aan toe waren.

Gezellig geklets tot aan de finish

Alhoewel we best allemaal bij Freddy en Erwin hadden willen blijven wonen, de trainer was onverbiddelijk en joeg iedereen weer de kou in. Maar ondanks dat een halve marathon best een inspanning vergt, stil werd het niet. De lopers bleven bij elkaar, meneer de pacer hield het tempo streng in de gaten, en daardoor kon er door iedereen genoten worden.

En dat genieten vertaalde zich in een enorm geklets. Hoeveel kilometers er ook weg werden getikt, er was een constante zoem van gezellig geluid. Onderweg kwamen we door stiltegebieden (oei) en langs wandelaars die dachten van hun zondagse rust te genieten. "Misschien moeten jullie sneller lopen, want er komt nog veel te veel geluid uit", verzuchtte een van die wandelaars.

Grote complimenten voor Wouter! En petje af voor de mooie groep die eraan deelnam.

Wat doet een pacer precies?

Voor wie het concept nog niet kent: een pacer is een loper die door de wedstrijdorganisatie wordt ingezet om een bepaald tempo te lopen. Op hun rug dragen ze een vlaggetje met daarop de richttijd. Wil je de marathon in 3 uur en 30 minuten lopen? Dan zoek je de pacer met het bordje 3:30 en blijf je achter die persoon hangen. Klinkt simpel. Is het niet.

Want een goede pacer loopt niet gewoon een vast tempo. Een goede pacer houdt rekening met het parcours. Waar zijn de heuvels? Waar waait het? Waar zijn de drankposten? Allemaal factoren die het tempo beinvloeden. En een goede pacer praat. Moedigt aan. Vertelt grapjes op kilometer 35 als iedereen stilvalt. Dat is de kunst.

Wouter kan dat als geen ander. Hij heeft een gevoel voor tempo dat bijna griezelig is. Vraag hem om een kilometer in precies 5 minuten te lopen, en hij komt uit op 5:00:02. Dat soort nauwkeurigheid. En ondertussen blijft hij maar kletsen, wat op een of andere manier de kilometers korter maakt voor iedereen om hem heen.

De route door het Raamdal

De halve marathon die Wouter had uitgezet, voerde door een van de mooiste gebieden rond Grave. Het Raamdal, het beekdal van de Raam, strekt zich uit ten zuiden van de stad. In de winter is het er stil. De bomen zijn kaal, de weilanden liggen er grijs bij en de lucht hangt laag. Maar juist die winterse kaalheid heeft iets moois. Je ziet verder. De lijnen van het landschap worden scherper. En de stilte -- als je het geklets van vijftien lopers even wegdenkt -- is bijna meditatief.

De route ging langs de Kuilen, een natuurgebied bij Langeboom dat in de zomer een populaire zwemplek is maar in januari verlaten erbij ligt. Het water lag er donker en glad bij. Een paar eenden lieten zich niet storen door de passerende lopers. Via onverharde paden en smalle weggetjes liep de route terug richting Escharen.

De pauzepost bij Freddy en Erwin

Halverwege een halve marathon wil je eigenlijk maar een ding: even stoppen. En dan het liefst op een plek waar het warm is en waar iemand eten en drinken voor je heeft klaargezet. Dat was precies wat Freddy en Erwin hadden geregeld. Hun huis werd omgebouwd tot een soort berghutte voor lopers. Warme chocomel, koffie, cake, koekjes en sandwiches. Anita en Gitte hadden de boel mooi ingericht.

Het is die betrokkenheid die onze loopgroep zo bijzonder maakt. Mensen die niet eens meelopen maar wel hun huis openstellen en uren in de keuken staan om anderen te verwennen. Dat doe je niet omdat het moet. Dat doe je omdat je deel uitmaakt van iets.

De weg naar Rome

Na de Run to Rome in het Raamdal ging Wouter nog een paar weken door met zijn voorbereiding. Op 19 maart stond hij dan echt aan de start in Rome. De Italiaanse hoofdstad, met zijn kasseien, zijn heuvels en zijn honderdduizenden toeschouwers. met de stille winterse paden langs de Kuilen.

Maar het principe bleef hetzelfde. Tempo houden. Praten. Aanmoedigen. En ervoor zorgen dat de lopers achter je hun droomtijd halen. Wouter deed dat met verve. Na afloop kreeg hij lovende berichten van lopers die dankzij hem hun doel hadden bereikt.

En wij? Wij waren gewoon trots. Trots dat een van onze lopers, iemand die elke week met ons door het Gasselse bos rent, in Rome stond als pacer. Dat zegt iets over het niveau van onze groep. Maar bovenal zegt het iets over Wouter zelf. Een loper met hart voor de sport en hart voor anderen.

Meedoen met de loopgroep?

Word je enthousiast van dit soort verhalen? Begrijpelijk. Want dit is wat Loopgroep Grave is: een groep mensen die graag samen rent, samen lacht en af en toe samen iets geks doet (zoals een halve marathon door het Raamdal in januari). We trainen meerdere keren per week in en rond Grave, in het Gasselse bos en op de paden van het Land van Cuijk. Beginners zijn welkom. Gevorderden ook. En iedereen die ergens daartussenin zit.

Kom een keer langs bij een training. Je hoeft je nergens voor in te schrijven, je hoeft geen dure spullen te kopen en je hoeft niet snel te zijn. Je hoeft alleen maar te komen. De rest volgt vanzelf.

De band binnen de groep

Wat opvalt aan verhalen als deze, is de band die er bestaat binnen Loopgroep Grave. Vijftien mensen die op een koude zondag in januari vrijwillig een halve marathon rennen, niet voor een medaille of een tijd, maar voor een van hun medelopers die naar Rome gaat. Dat doe je niet voor een vreemde. Dat doe je voor iemand waar je om geeft.

Die band ontstaat niet vanzelf. Die groeit. Week na week, training na training. Je leert elkaars sterke punten kennen, maar ook elkaars zwaktes. Je weet wie er moeite heeft met heuvels, wie er altijd te snel start en wie er na vijf kilometer begint te zingen. En op een gegeven moment ken je die mensen beter dan je collega's op kantoor.

De Run to Rome was een perfecte illustratie van die band. Vijftien lopers en twee fietsers die samen door het koude Raamdal trokken, met Italiaanse shirtjes die niet pasten en een pauzepost die voelde als een warme deken. Het was geen training. Het was een belevenis. En dat soort belevenissen maken de loopgroep tot wat ze is.

Wat kun je leren van een pacer?

Als je ooit de kans krijgt om achter een pacer aan te lopen bij een wedstrijd, doe het. Je leert er enorm van. Een pacer leert je dat tempo houden een kunst is. Dat rustig beginnen loont. Dat de laatste tien kilometer makkelijker zijn als je de eerste dertig niet te hard hebt gelopen. En dat een grapje op het juiste moment meer waard is dan een energiegel.

Bij Loopgroep Grave kun je dat soort lessen ook oppikken. Niet alleen van Wouter, maar van alle ervaren lopers in de groep. Ze delen hun kennis graag. Tijdens de trainingen, onderweg naar wedstrijden, bij de koffie na de duurloop. Alles wat ze weten, geven ze door. Gratis. Omdat delen meer oplevert dan vasthouden.

Het Raamdal in de winter: een ander landschap

Wie het Raamdal kent van de zomermaanden, herkent het in de winter bijna niet. De groene weilanden zijn bruin en grijs. De bomen zijn kaal. De beek ligt er donker bij. Maar juist die kale winterversie heeft iets betoverends. De lijnen van het landschap zijn scherper. De stilte is dieper. En de lucht heeft een helderheid die je in de zomer niet vindt.

De halve marathon door het winterse Raamdal was daardoor een bijzondere ervaring. Je liep door een landschap dat in slaap leek, maar dat bij elke bocht nieuwe vergezichten bood. Een paardenkastanje met naakte takken tegen een grijze lucht. Een bruggetje over de Raam met ijsrandjes aan de zijkanten. Een boerderij met rook uit de schoorsteen. Het was een schilderij in beweging.

Foto's (3)